Wijn & spijs: Wijn per seizoen
Welke wijn past bij welk seizoen?
Seizoenen maken verschil, omdat je in elk seizoen andere dingen eet. In de zomer zoek je frisheid, in de winter warmte. Wijn volgt het eten.
Lente
In de lente eet je lichte gerechten met verse groenten, zoals asperges en jong lamsvlees. Frisse witte wijn zonder hout past goed, zoals Grüner Veltliner, Sauvignon Blanc of Silvaner. Bij lam past een kruidige rode wijn.
Zomer
In de zomer eet je buiten: barbecue, salades, vis en tapas. Droge rosé, frisse witte wijn en mousserende wijn passen goed. Een lichte rode wijn zoals Gamay kun je wat koeler schenken.
Herfst
In de herfst komen paddenstoelen, wild en eend op tafel. Daar passen rode wijnen met een aardse smaak, zoals Pinot Noir en Nebbiolo.
Winter
In de winter eet je stevig: stoofpot, stamppot, fondue en gourmet en het kerstdiner. Volle rode wijn past goed. Na het eten past een port of een andere zoete wijn.